Posts tonen met het label Peñon de Ifach. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Peñon de Ifach. Alle posts tonen

woensdag 23 januari 2013

Je kunt er op wachten


De lucht is mooi blauw en het zonnetje schijnt maar er staat een harde gure wind en het is maar een graad of negen.


Je kunt er op wachten, waarom moeten die amandelbomen toch midden in de winter gaan bloeien? De wind geselt de takken van de boom en verfromfraaid de pas uitgekomen bloesem.



De storm huilt door de takken maar de bloesem is nog vers en valt nog niet als een wit en roze sneeuwdeken op de aarde er onder. 


Het lijkt een idyllisch plaatje maar het gaat steeds harder waaien. Links zie je de 328 meter hoge Peñon de Ifach, daar ligt de haven van Calpe, ik besluit er heen te rijden.


In de haven is geen activiteit, de vissersschepen zijn binnengebleven. Je hoort het getik van het tuig tegen de aluminium masten. Een scheepje staat te dansen tegen de kade.  


Buiten het havenhoofd gaat het harder te keer. 

Als ik thuis kom ligt de Bougainville van de muur en zijn er verschillende takken van de bomen gewaaid. Morgen hebben we weer wat te doen, ik begon me al zorgen te maken.

woensdag 22 augustus 2012

Koperen Ploert

Het moet me van het hart,
ik begin schoon genoeg te krijgen van de zon die hier al maanden onafgebroken schijnt. Die de ene na de andere hittegolf veroorzaakt, de grond doet verdrogen en het water laat verdampen. Ik weet dat de toeristen en de man van het strandtentje er blij mee zijn maar ik heb het even helemaal gehad met die oranje bol.


Om te kunnen
fotograferen moet je vroeg uit de veren want na tien uur is het licht al zo fel dat er nog nauwelijks een redelijk resultaat is te behalen. Na zes uur in de middag mag je nog even op herhaling maar dan is de temperatuur tot grote hoogte gestegen en zijn de schaduwen erg lang. Wat dat betreft zit je in Nederland en België beter met die heerlijke depressies.  


Gistermorgen
ben ik al vroeg naar Calpe gereden - het was nog donker – ik stond nog maar nauwelijks op de berg of daar was ie weer. Weer een snikhete dag tegemoet, weer 10 ijslolly’s naar binnen werken om een beetje koel te blijven. 



Toen de zon
net opkwam was er nog nauwelijks kleur te bekennen in de omgeving maar in no-time werd de wereld oranje.


De Peñon de Ifach
- het symbool van de Costa-Blanca – stak donker af tegen de snel rijzende zon. Tegen de tijd dat ik de berg weer af was werd het licht al feller en verdween de oranje gloed. De lucht begon al weer te trillen van de warmte.

Ruilen?
Nou, dat nou ook weer niet!

woensdag 11 mei 2011

Van de Costa Blanca naar Nederland I – Alicante, Valencia, Castellón, Teruel

Calpe met het symbool van de Costa-Blanca de “Peñon de Ifach”

Als ik er aan denk dat ik vroeger vrijwel maandelijks, in één ruk, van Nederland naar de Costa-Blanca reed en terug naar Nederland hetzelfde deed. Ik heel trots was op mijn reistijd record van 19 uur en een beetje, verklaar ik mezelf nu als volkomen geschift. Oké, het verkeer was toen nog niet zo druk als nu en ook de snelheidscontroles waren minimaal maar toch. Ik reed toen altijd via Luxemburg naar de Costa-Blanca v.v., en maakte gebruik van de tolwegen in Frankrijk en Spanje.
Het eerste Valenciaanse gewest wat je passeert op weg naar het noorden is de “Safor”


Tegenwoordig vermijd ik tolwegen en kost het me al moeite om 400 kilometer per dag te halen, maar ik moet er wel bij vertellen dat ik veel omrij en de teller op het einde van de dag geen 400 maar 600 kilometer aangeeft terwijl ik toch maar 400 kilometer ben opgeschoten. Een beetje zoals een hond die 2 keer zoveel loopt over dezelfde afstand als zijn baas. En ik probeer zoveel mogelijk de grote steden te vermijden, iets wat helaas niet altijd lukt.
Zuidelijk van Valencia ligt het natuurpark “L’Albufera”

Vanaf de Costa-Blanca kun je vrijwel niet om de stad Valencia heen, hoewel je er via de vrij drukke rondweg wel in een grote boog omheen rijdt, merk je uiteraard de aanwezigheid van de op twee na grootste stad van Spanje. In de agglomeratie van de stad wonen ongeveer twee miljoen mensen. Dat is haast twee keer zoveel als die van de agglomeratie van Amsterdam.


Bij Sagunto rijd ik de autovía de Mudéjar op, deze autovía brengt je, via Teruel, Zaragoza en Huesca naar de voet van de Pyreneeën. Het duurt niet lang voordat ik de eerste dorpjes van de provincie Castellón passeer. Het verschil met de kust en de stad Valencia is al duidelijk te merken
Een klein uurtje later zie ik links van mij de stad Teruel liggen. Behalve dat het daar in de winter behoorlijk koud kan zijn, is de stad bekend van het praalgraf van de twee middeleeuwse geliefden Diego Marcilla en Isabel Seguras. Beiden stierven van smart en liefdesverdriet nadat Isabel gedwongen werd om met een ander te trouwen. In 1555 werden de twee mummies van beide lichamen gevonden in de kapel San Cosme en San Damián, tevens vond men een document waarin het verhaal stond van wat er gebeurd was met de twee geliefden.
De mummies van beide geliefden zijn nu te bewonderen in een nieuw gebouwde kapel waarbij het mausoleum gevormd wordt door twee liggende beelden van de twee Amantes met daaronder de mummies.
Hun trieste verhaal is hoogstwaarschijnlijk de inspiratiebron is geweest voor Shakespeare's Romeo en Julia.


(Wordt Vervolgd)

zondag 14 maart 2010

Grote schepen, Stoere mannen, Kleine vangsten

De Peñon de Ifach wordt beschouwd als het symbool van de Costa Blanca. Het is tegenwoordig een natuurreservaat en een beschermd broedgebied voor diverse soorten zeevogels. Er gaat een pad naar de top, vanwaar je prachtig uitzicht hebt op de omgeving.
Aan de voet van deze 332 meter uit zee oprijzende Peñon de Ifach - in de volksmond de rots van Calpe  - ligt de haven van Calpe, in het Valenciaans Calp.
Calpe heeft vissersschepen van verschillende afmetingen. Ze vertrekken vroeg in de ochtend en komen rond 17:00 uur terug met een vangst van Merluza (soort Kabeljauw), Dorada (Zeebaars), Schelvis, Zalm, Sardientjes en andere Mediterraanse vissoorten.
Deze worden aan boord gesorteerd, in met ijs gekoelde plastic kratten gedaan en afgeleverd bij de visafslag (Lonja) voor de veiling.
De schepen zijn uitgerust met sonarapparatuur en hebben een beperkt aantal visdagen vanwege E.U. regels ter bescherming van de visstand.
De Spaanse overheid en de gemeenten aan de kust, geven subsidies aan de vissers voor het deel uitmaken van het traditioneel Mediterraans leven.
Calpe is gegroeid vanuit een traditioneel vissersdorp en Calpe haven maakt nog steeds actief deel uit van het lokale leven.
Door een verdrag van Spanje met Senegal, mogen Senegalese vissers op de schepen werken. Spanje op zijn beurt mag volgens dit verdrag voor de Senegalese kust vissen.
Er komt vangst aan wal maar als je de hoeveelheden ziet dan ziet de toekomst er niet rooskleurig uit. Steeds minder en steeds kleinere vis en schelpdieren.
Als je de vangst ziet begrijp je niet dat ze voor dat beetje vis, zulke grote schepen nodig hebben.
Een tegelplateau in de haven van Calpe met de patroonheilige van de vissers “ La Virgin del Carmen”.

woensdag 27 januari 2010

Middellandse Zee nog niet uitgeraasd

Na de storm van gisteren is het water van de Middellandse zee voor de kust van de Costa-Blanca nog steeds in beweging.
Normaal is dit gedeelte tussen de Peñón de Ifach van Calpe en de Cap d'Or van Moraira een rustig stuk water.
Niet voor niets is de toeristische leuze van Moraira “Donde el mar descansa” ,waar de zee uitrust.
Maar nu dus even niet. Meer foto's van de Marina-Alta
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...